leeg Home page
Literatuur
Bijbel Studie Cursus

leeg © Living Church of God

Bijbel Studie Cursus

leeg
De Wereld van Morgen
BIJBEL
STUDIE
CURSUS




Waar is de Kerk, die Jezus Bouwde?

Les 12


Auteur ..............................John H. Ogwyn
Hoofdredacteur..................Roderick C. Meredith
Redactie Chef.....................Richard F.Ames
Eindredacteur.....................William Bowmer
Hoofd Uitgeverij..................Gary F. Ehman
Vaste medewerker.............. Daniel Hall
Grafische vormgeving..........Donna Prejean
Distributie...........................Wayne Pyle

Regionale Kantoren

Nederlandse Uitgave:
Wereld van Morgen
Postbus 267
6000 AG, Weert

Tel: ++31 (0)495 56 2202
http://www.wereldvanmorgen.org

Verenigde Staten:
P.O. Box 3810,
Charlotte, NC 28227-8010, U.S.A.
Tel.: 704 844-1970.
Fax.:704 841-2244.
http://www.lcg.org
http://www.tomorrowsworld.org

De Wereld van Morgen Bijbel Studie Cursus heeft geen abonnementsprijs. Deze gratis uitgave is mogelijk gemaakt door de tienden en giften van de leden van de Levende Kerk van God en door anderen, die er voor gekozen hebben medewerkers te worden met ons in het verkondigen van Het ware Evangelie van Christus aan alle volkeren. Bijdragen worden dankbaar aanvaard en zijn in Nederland aftrekbaar van de belastingen.
(ABN-AMRO, Langstraat, Postbus 6, 6000 AA, Weert. Swift code: ABNANL2A, Rekeningnummer 44 85 77 712. T.n.v. Stichting Levende Kerk van God).

De Wereld van Morgen Bijbel Studie Cursus wordt gepubliceerd door the Living Church of God. 2301 Crown Centre Drive Charlotte, NC 28227. © Living Church of God. Alle rechten voorbehouden. Nederlandse uitgave: Wereld van Morgen, Postbus 267, 6000 AG, Weert. Eveneens voor adresveranderingen.

BC12 Uitgave 1.1, januari 2004.

©2004 LEVENDE KERK VAN GOD
Alle rechten voorbehouden.
Dit boekje mag niet verkocht worden.

Alle aanhalingen zijn uit de NBG-bijbelvertaling.

• • • • • • •

Inhoud


• • • • • • •

Over onze voorpagina: Gods Kerk kan herkend worden aan haar leden - die God liefhebben en Zijn geboden houden. Jezus Christus beloofde, dat Zijn ware Kerk zou blijven bestaan, niettegenstaande vele misleiders Zijn naam zouden gebruiken. (Matteüs 16:18)

Waar is de Kerk, die Jezus Bouwde?

     Jezus Christus zei: "Ik zal mijn gemeente bouwen". (Matteüs 16:18) Kunt U in de tegenwoordige wereld de kerk vinden, die Jezus Zelf bijna 2000 jaar geleden bouwde? Dit is van vitaal belang, omdat Christus ook zei, dat velen in Zijn naam zouden komen en vele mensen zouden misleiden. (Matteüs 24:5)

Hoe kan iemand komen prediken en leren in de naam van Jezus van Nazareth, Hem erkennen als de Messias, en toch mensen misleiden?

     De Apostel Paulus legde uit, dat zelfs in zijn dagen sommigen "een andere Jezus" en "een ander evangelie" predikten. (2 Korintiërs 11:4) Schrijvend in het midden van de jaren 60 n. Chr. waarschuwde de Apostel Judas, de broer van Jakobus en daarom de halfbroer van Jezus, zijn lezers om ernstig te strijden voor het geloof "dat eenmaal de heilige overgeleverd is". (Judas 3)

     Om te trachten de kerk te identificeren, die de Messias bouwde, zijn wij eigenlijk op zoek naar het ware Apostolische Christendom. Veel van wat in de tegenwoordige wereld als "christelijk" passeert komt niet werkelijk voort uit de leringen van Jezus en de Apostelen uit de eerste eeuw. Zoals wij in de voorgaande lessen hebben gezien, hebben velen op vele gebieden gebruiken en leringen geaccepteerd, die niet uit de Bijbel komen, maar van voorchristelijke en niet-christelijke ideeën en praktijken.

      Historicus Will Durant verklaarde in zijn boek Caesar en Christus dat, "het Christendom vernietigde het heidendom niet, het adopteerde het.... het Christendom was de laatste grote schepping van de oude heidense wereld". (pag. 595) Zijn punt was, dat de Griekse denkwijze in de liturgie en theologie van de belijdende Christelijke kerk kwam en zich daarin manifesteerde. Verschillende heidense volken in het Middellands Zeegebied droegen bij aan gebruiken en ideeën, in het bijzonder Egypte. Het zogenaamde "Christelijke kloosterleven" had zijn oorsprong in het heidense Egypte. Egypte droeg ook bij aan het idee van de drie-eenheid en de onsterfelijkheid van de ziel, alsook de verering van moeder en kind.

     Vele andere historici hebben commentaar gegeven op hetzelfde fenomeen. Jesse Lyman Hurlbut schreef in zijn gerespecteerd handboek over kerkgeschiedenis The Story of the Christian Church, [de geschiedenis van de Christelijke Kerk], het volgende: "Vijftig jaar lang na het leven van de H. Paulus hangt er een gordijn over de kerk waar wij tevergeefs doorheen proberen te kijken en toen het tenslotte in 120 n. Chr. optrok door de geschriften van de vroege kerkvaders vonden wij een kerk, die op vele punten verschilt van die uit de dagen van de H. Petrus en H. Paulus". (pag. 41) Durant maakt ook duidelijk, dat de kerk, die door de meesten in de wereld beschouwd werd als de voortzetting van de Apostolische kerk in werkelijkheid "zich ontwikkelde door het opgaan in heidens geloof en rituelen". (Durant, pag. 575)

      Het ware Apostolische Christendom spreidde zich uit vanuit de Jeruzalem Kerk, eerst door Judea en toen door de Joodse verstrooiing. Toen de Apostel Paulus predikte in de heidense steden, begon hij zowel aan de Joden, als aan de Godvrezende heidenen te prediken, die hem in de synagogen ontmoetten. (verg. Handelingen 13:16, 18:4) Zelfs de vroegste heidense bekeerlingen waren bekend met het Oude Testament door hun regelmatige Sabbat bezoek in de synagoge. Het boek Handelingen (hoofdstuk 10) beschrijft de eerste heidense bekeerlingen, Cornelius en zijn huisgezin, als "devoot" en als "Godvrezend". (een technische term, die de heidenen aanduidt, die God vereerden in overeenstemming met de Hebreeuwse Geschriften, maar onbesneden bleven)

     The Interpreter's Dictionary of the Bible, [Het verklarend woordenbroek van de Bijbel], legt uit, dat deze bijna-bekeerlingen "Heidenen, Grieken, Romeinen, Syriërs, enz. waren, die het monotheïstisch geloof en ethiek van het Judaïsme omarmden of zich ertoe aangetrokken voelden; die zelfs sommige Joodse gebruiken, zoals de sabbatrust.... sommige voedselverboden, bewonderden en hielden en bijdroegen aan liefdadigheid.... Zij bezochten de synagogen, lazen en luisterden naar de lezingen en uitlegging van de Schrift in het Grieks". (deel 3, pag. 929) Met andere woorden, de kerk, die Jezus stichtte was gebouwd op Gods openbaring van het Oude Testament en schafte deze niet zomaar af ten gunste van de gebruiken en praktijken van het heidendom.

     De leden van de Jeruzalem kerk werden bijna 30 jaar na de kruisdood en opstanding van Christus door Jakobus, de broer van de Heer, aan Paulus beschreven als allen zijnde "ijverig voor de wet". (Handelingen 21:20)

     De Apostel Paulus zelf prees zijn bekeerlingen uit de heidenen, omdat "gij navolgers geworden zijt van de gemeenten Gods in Christus Jezus, die in Judea zijn". (1 Tessalonicenzen 2:14)

      Het is duidelijk, de kerk, die Jezus bouwde moet een voortzetting zijn van echt Apostolisch Christendom, waar het tegenwoordig ook bestaat op aarde!

Op Deze Rots

     Jezus verklaarde aan Zijn Discipelen "op deze petra zal Ik mijn gemeente bouwen en de poorten van het dodenrijk zullen haar niet overweldigen". (Matteüs 16:18)

  • Over welke rots sprak Hij?
  • Is deze verklaring tegenwoordig van invloed op ware Christenen?

Let op de samenhang van de belangrijke verklaring van Christus.

     Na het bezoeken van de regio Caesarea Filippi, vroeg Jezus aan Zijn discipelen, wat de mensen dachten, wie Hij was. Hun antwoorden omvatten Johannes de Doper, Elia, Jeremia of één van de profeten. (Matteüs 16:13-14) Jezus wilde echter weten, wat Zijn discipelen dachten. Petrus antwoordde onmiddellijk, "Gij zijt de Christus, de Zoon van de levende God"! (vers 16) Jezus antwoordde: "Zalig zijt gij, Simon Barjona, want vlees en bloed heeft u dat niet geopenbaard, maar mijn Vader, die in de hemelen is". (vers 17)

     Daarna kondigde Jezus plannen aan om Zijn kerk te bouwen. "En Ik zeg u, dat gij Petrus zijt, en op deze petra zal Ik mijn gemeente bouwen en de poorten van het dodenrijk zullen haar niet overweldigen". (Matteüs 16:18) Het Grieks bevat hier een woordspeling, die niet meteen duidelijk is in het Nederlands. De naam van Petrus was in het Grieks petros - een mannelijke vorm van het zelfstandig naamwoord "rots", dat normaal een kleinere of verplaatsbare rots beschrijft. Toen Christus zei "op deze petra zal Ik mijn gemeente bouwen" gebruikte Hij het Griekse woord petra - een vrouwelijke vorm, die altijd een grote, onverplaatsbare rots beschrijft.

     Voordat wij verder kijken naar de betekenis van deze woorden, moeten wij een aantal belangrijke punten over dit vers in acht nemen. Wij weten uit Johannes 1:42, dat Christus aan Simon Barjona de naam "rots" heeft gegeven toen hij, vele maanden voor het voorval in Matteüs 16 voor het eerst als een discipel naar Jezus Christus kwam. Hij werd "Kefas" genoemd - van het Armeense woord voor "rots" - niet petros of Petrus. Het Armeens was de meest gebruikelijke taal, die Jezus en Zijn discipelen spraken en bevat maar één woord voor "rots". Het Armeens staat geen woordspeling toe voor de kleine rots - grote rots, zoals in het Grieks. Vele bijbelcommentatoren nemen aan, dat Christus Zijn woorden in Matteüs 16 in het Armeens zou hebben gesproken en dat de rots naar Petrus zelf zou hebben verwezen. Toch past deze uitleg niet in de context, noch in de rest van de Bijbel.

     Jesaja 28:16 geeft duidelijk een profetische achtergrond voor de woorden van Christus van Matteüs 16 en verklaart: "Daarom, zo zegt de Here Here: Zie, Ik leg in Sion een steen ten grondslag, een beproefde steen, een kostbare hoeksteen van een vaste grondslag". Later haalde Christus Psalm 118:22-23 aan voor de Farizeeërs, waarbij Hij hen eraan herinnerde, dat de steen, die door de bouwers verworpen werd, de hoeksteen zou worden. (Matteüs 21:42) Deze fundamentele hoeksteen is een duidelijke verwijzing naar de Messias, die door de religieuze leiders verworpen werd. Jaren later, toen de apostel Paulus aan de kerk in Korinte schreef, identificeerde hij duidelijk Jezus Christus als de "Rots" (petra) van Israël. (1 Korintiërs 10:4) Christus is de ware rots, waarop de Kerk is gebouwd, niet op een zwak en onvolmaakt menselijk wezen.

      De verklaring van Christus in Matteüs 16:18 wordt het meest correct uitgelegd door enkele van de oudere commentatoren, zoals Lightfoot en Edersheim; deze zeiden, dat Hij feitelijk de Griekse woorden petros en petra als woordspeling gebruikte op de eerder gegeven naam aan Simon, Kefas. Gewoonlijk gebruikten in de dagen van Christus Armeens sprekende Joden Griekse uitdrukkingen en de meeste Joden hadden zowel een Hebreeuwse als een Griekse naam. Als het de bedoeling van Christus was om te zeggen, dat Hij de kerk op Petrus zou bouwen, was het de eenvoudigste manier geweest om te zeggen, "Jij bent Petrus (een rots) en op jou zal ik mijn kerk bouwen". Dit zei Hij niet - en dit is zeker niet, wat Hij bedoelde!

     Hoewel Petrus vele krachtige (als een rots) kwaliteiten had, was hij een zeer verplaatsbare rots, een petros. Christus Zelf is het betrouwbare fundament, de ware voornaamste hoeksteen. Niet dat alleen, Christus benadrukte ook, dat de kerk niet alleen op Hem gebouwd zou worden, maar dat de poorten van de hel, het graf, haar nooit zouden overweldigen. Zij zou nooit uitsterven, maar door de eeuwen heen voortbestaan.

     De ware kerk is gebouwd op het enige betrouwbare fundament (1 Korintiërs 3:11), op de enige ware, die de Rots van ons Behoud is. (Psalm 62:2)

     Jezus Christus is Degene, die altijd met ons zal zijn, zelfs tot aan de voleinding der wereld. (Matteüs 28:20)


LES 12, DEEL 1

De Oorsprong van de Kerk

Iedereen weet wat een kerk is - of niet?

Wat is de bijbelse definitie van "kerk" - en wanneer is de kerk begonnen?

Onderzoek de bijbelse antwoorden op deze belangrijke vragen.

  1. Kwam Jezus Christus met de bedoeling om een kerk te stichten? Matteüs 16:18. Zouden de poorten van het graf ooit die kerk sluiten of zou zij altijd blijven voortbestaan? (Opm.: het Griekse woord hades, "het graf", wordt in de meeste talen vertaald met "hel")

  2. Zou de kerk van Christus gebouwd worden op een rots? Matteüs 16:18.
    (Opm.: dit vers bevat een woordspeling. Christus gaf Simon Barjona een aanvullende naam - "Petrus" - ontleend aan het Griekse petros, wat "kleine rots" betekent. De "rots", waarop Christus zei, dat Hij Zijn kerk zou bouwen is petra, gewoonlijk verwijzend naar een grote rots of kei.)

  3. Hoe beschrijft Paulus het geestelijk fundament, waarop Gods volk gebouwd is? Efeziërs 2:19-22.

  4. Wordt Jezus Christus beschreven als de voornaamste hoeksteen van Gods geestelijk gebouw? 1 Petrus 2:6-8. (Opm.: Petrus haalde Jesaja 28:16 aan. Hij gebruikte het woord hoeksteen, dat in het Grieks akrogoniaios is en een steen betekent, die op een buitengewone hoek van het fundament is geplaatst. Alle andere bouwstenen moeten gericht worden naar deze zorgvuldig gelegde steen.)

  5. Wat openbaart Petrus in zijn geïnspireerde preek, die in Handelingen opgetekend is, over de rol van Jezus Christus in de kerk? Handelingen 4:11-12.

  6. Wordt Christus ook beschreven als de geestelijke Rots, die met Israël was in de wildernis? 1 Korintiërs 10:4.

  7. Benadrukt Christus aan Zijn volgelingen de noodzaak om op een rots te bouwen in plaats van op zand?
    Matteüs 7:24-27.

  8. Verwijst de grote rots en fundament, waarop wij moeten bouwen, in bijbelse voorbeelden over bouwen, altijd naar Christus in plaats van naar Petrus of een andere menselijke leider? 1 Korintiërs 3:11

  9. Beschouwde God het oude Israël als Zijn kerk? Handelingen 7:38.

  10. Werden zij de "vergadering van Israël" genoemd? Exodus 12:3. ( Opm.: de woorden "vergadering" en "kerk" zijn synoniem. In het Grieks is het ekklesia en in het Hebreeuws is het edah, wat betekent een bijeenkomst of vergadering, meestal voor religieuze doelen.)

  11. Is de kerk het geestelijk lichaam van Christus?
    Kolossenzen 1:18.
    Wat maakt, dat wij deel zijn van die Kerk?
    1 Korintiërs 12:13.

  12. Werd het begin van de Nieuwtestamentische kerk gekenmerkt door een uitstorting van de Heilige Geest om de ware volgelingen van Christus te vervullen?
    Handelingen 1:4-5, 8; Handelingen 2:1-4.

De "Grote Opdracht" aan de Kerk

     Jezus Christus liet, volgend op Zijn opstanding, afscheidsopdrachten na voordat Hij naar de hemel terugkeerde. Het verslag van Marcus zegt het beknopt: "Gaat heen in de gehele wereld, verkondigt het evangelie aan de ganse schepping". (Marcus 16:15) Deze opdracht was echter niet beperkt tot de naaste discipelen van Christus. Hij legde aan degenen, die Hij in het begin de opdracht gaf uit, dat zij degenen, die op hun prediking reageerden moesten leren om "te onderhouden al wat Ik u bevolen heb". (Matteüs 28:20) Dit betekent duidelijk zowel de leerstellingen als de opdracht zelf.

     Verwachtte Jezus Christus, dat velen zouden reageren op de prediking van Zijn discipelen?

Natuurlijk niet! Het is duidelijk, God heeft een tijdsplan en velen zijn nu verblind voor de waarheid. (Romeinen 11:25-26) Men kan niet reageren en tot Christus komen, tenzij de Vader hem roept tot begrip en bekering. (Johannes 6:44) Hoe dan ook, het Goede Nieuws van Gods komend koninkrijk moet in de hele wereld gebracht worden als een getuigenis, voorafgaand aan het einde. (Matteüs 24:14) God zendt altijd een waarschuwing en een getuige naar mensen voordat Hij ingrijpt.

     Toen Jezus Christus op aarde rondliep, keek Hij naar de mensen en was vervuld met medelijden. Hij is dezelfde, gisteren, vandaag en eeuwig. (Hebreeën 13:8) Hij zei aan Zijn discipelen hun ogen op te slaan en te kijken; de velden waren wit om te oogsten. (Johannes 4:35) Hij zag, dat een groot werk gedaan moest worden om de boodschap van het Koninkrijk van God te laten horen. Hij was gekomen met een boodschap en die boodschap hield goed nieuws in - het enige ware goede nieuws, dat beschikbaar is voor een zieke en pijnlijdende wereld.

     De ware Kerk van God tracht nu niet de wereld te bekeren. De terugkeer van de verheerlijkte Christus is nodig om de rebellerende volken te onderwerpen en het Koninkrijk van God te vestigen! Ware Christenen moeten een licht voor de wereld zijn en Gods weg van liefde en vriendelijkheid uitstralen in hun omgang met iedereen. "Gij zijt het licht der wereld. Een stad, die op een berg ligt, kan niet verborgen blijven.... Laat zo uw licht schijnen voor de mensen, opdat zij uw goede werken zien en uw Vader, die in de hemelen is, verheerlijken". (Matteüs 5: 14-16) Maar Christenen realiseren zich ook, dat zij de wereld niet gaan veranderen voorafgaand aan de terugkeer van Christus.

     Degenen, die de ware volgelingen van Jezus Christus zijn zullen echter niet eenvoudig overgaan in een sociale club. Zij zullen niet in zichzelf verdiept zijn en alleen bezorgd zijn over hen eigen geestelijke groei. Zij zullen echter een bredere visie hebben en liefde en bezorgdheid voor de hele wereld hebben, net zoals Jezus Zelf had. Zij zullen "vol pit zitten" en de wondermooie boodschap van Christus willen delen met de hele mensheid.

     Op degenen, die deel uitmaken van de ware Kerk van God rust een grote verantwoordelijkheid. De Apostel Paulus legt in 1 Tessalonicenzen 2:4 uit, dat "God ons waardig heeft gekeurd om ons het evangelie toe te vertrouwen" (machtigen). De volledige betekenis van deze uitdrukking is voor velen verloren gegaan, maar het is een onderwerp, dat Christus Zelf ergens anders uiteenzette.

     Een gemachtigde is een legale term, die verwijst naar iemand, die het eigendom van een ander in zijn beheer heeft. Hij heeft dan de verplichting om dat eigendom te beheren ten voordele van de eigenaar. Jezus Christus kwam naar deze aarde en bracht de evangelieboodschap. Hij bracht die boodschap over aan Zijn discipelen en gaf hun de opdracht het in de hele wereld te brengen en het aan de hele schepping te verkondigen. (Marcus 16:15)

     In de parabel van de talenten (Matteüs 25:14-30) vergelijkt Jezus Christus Zichzelf met een rijke man, die voor een lange reis vertrekt. Voor zijn vertrek geeft de man diverse sommen geld aan zijn dienaren om voor hem in bewaring te houden. Bij zijn terugkeer zou hij een verrekening vragen en hen belonen overeenkomstig hoe goed zij in zijn afwezigheid hadden gehandeld. In de parabel, die Christus gaf werd de man, die niets had gedaan met hetgeen hem gegeven was ernstig gestraft, omdat hij het slechts bewaard had. Bij gebrek aan het actief beheren van hetgeen hem gegeven was ten voordelen van zijn meester, heeft hij in werkelijkheid zijn gemachtigde bedrogen!

     Zoals de Apostel Paulus in Romeinen 10 uitlegde: "Hoe geloven in Hem, van wie zij niet gehoord hebben? Hoe horen zonder prediker? En hoe zal men prediken zonder gezonden te zijn". (verg. : Romeinen 10: 14-15) De ware kerk heeft een belangrijke opdracht, die door allen, die zich waarlijk overgegeven hebben aan God en in wie Christus waarlijk Zijn leven leeft (Galaten 2:20) van ganser harte gesteund zal worden door hun inspanningen.


LES 12, DEEL 2

Het Doel van de Kerk
  • Waarom bouwde Jezus Christus een kerk?
  • Had Hij een speciaal doel in gedachten?

Velen nemen aan, dat het belangrijkste doel voor de kerk is om deze wereld tot een betere plaats te maken. Of misschien bestaat de kerk om "zieltjes te redden".

Wat openbaart de Bijbel als het werkelijke doel voor het bestaan van de kerk, die Jezus bouwde?

  1. Was een deel van het doel van Christus voor Zijn volgelingen, dat zij lichten zouden zijn in een donker wordende wereld? Matteüs 5:14-16.

  2. Zou de kerk van Christus in de gebruiken en praktijken van de wereld passen en geaccepteerd worden door de omringende wereld? Johannes 17:14.

  3. Wat schreef Jakobus onder inspiratie van God met betrekking tot Gods volk, dat zich wil vermengen met de wereld? Jakobus 4:4.

  4. Leerde Christus aan Zijn discipelen, dat de wet van God was afgeschaft? Leerde Hij, dat gehoorzaamheid aan Gods wet gewoon onbelangrijk was? Matteüs 5:17-20

  5. Wat was de uitgebreide vorm van die wetten, die zij volgens Christus moesten leren? Matteüs 5:21-22, 27-28. (Opm.: Christus schafte de wet niet af, maar maakte het meer bindend voor degenen, die Zijn volgelingen zouden zijn - Christenen.)

  6. Gaf Christus Zijn volgelingen een opdracht voordat Hij ten hemel opging? Matteüs 28:19. Werd van Zijn discipelen verwacht, dat zij hun toehoorders zouden leren om alle dingen, die Christus hun persoonlijk had onderwezen, na te leven? Matteüs 28:20; Marcus 16:15-16

  7. Wat zou er, voorafgaand aan de Tweede Komst, gebeuren met betrekking tot de vervulling van deze opdracht, die Christus gaf? Matteüs 24:14.

  8. Wat was één van de manieren, waarmee de kerk de Apostelen steunde, toen zij uitgezonden werden om het evangelie te prediken? Efeze 6:18-20; Kolossenzen 4:2-3. ( Opm.: Paulus zei aan de Efeziërs, dat zij niet alleen moesten bidden, maar God in de geest smeekgebeden moesten aanbieden. Een smeking, deesis, is een ernstig, smekend gebed, waarin men het hart uitstort aan God.)

  9. Maakten de gebeden van de kerk en de smeekgebeden, die de Apostelen ondersteunden, verschil uit? Handelingen 12:5,7.

  10. Wil God, dat de kerk voorziet in de financiële steun en bemoediging aan allen, die actief betrokken zijn in de prediking van het evangelie? Filippenzen 4:14-17;
    1 Korintiërs 16:10-11; 3 Johannes 6-8.

  11. Wordt van de kerk verwacht, dat zij de waarheid van God krachtig ondersteunt? 1 Timoteüs 3:15.

  12. Hebben Gods ware dienaren, gesteund door de kerk, het geestelijk lichaam van Christus, de plicht om Israël te waarschuwen voor Gods oordeel? Jesaja 58:1.


LES 12, DEEL 3

Moet de Kerk Georganiseerd zijn?
  • Wat is de rol van organisatie in de kerk?
  • Wat openbaart de Bijbel over de menselijke structuur en organisatie van de Apostolische kerk?
  • Maakten organisatie en regering deel uit vanaf het begin of kwam het alleen een eeuw of meer na de Nieuwtestamentische periode voor?

Let op de bijbelse antwoorden op deze belangrijke vragen.
  1. Wie is het levend Hoofd van de ware kerk?
    Kolossenzen 1:18

  2. Is God ooit de schepper van wanorde? 1 Korintiërs 14:33. Als er groepen mensen samen in vrede bestaan, zonder wanorde, moet er een bestuur zijn.

  3. Leiden de Vader en Christus binnen een organisatiestructuur? 1 Korintiërs 11:3

  4. Vergelijkt de Bijbel de kerk als het geestelijk lichaam van Christus (verg. Kolossenzen 1:18) met het menselijk lichaam, één organisme bestaande uit vele leden?
    1 Korintiërs 12:12, 27; Romeinen 12:4-8.

  5. Benoemde Christus verschillende geestelijke ambten in de kerk? Efeze 4:11. Wat is het doel van al deze ambten? Efeze 4:12-15.

  6. Laat de Bijbel een samenhang zien tussen bestuur in huis en bestuur in de kerk? 1 Timoteüs 3:4-5. Verwacht Paulus van een "bisschop" dat hij op dezelfde manier de kerk bestuurt, zoals hij zijn eigen gezin leidt?
    (Opm.: de term "bisschop" is vertaald van het Griekse episkopas, wat "opzichter" betekent. Paulus gaf Timoteüs de opdracht om mannen te ordineren om toezicht op de kerk te houden, net zoals een man toezicht moet houden op zijn gezin)

  7. Laat God zien, dat het bestuur in Zijn kerk door een aanstelling van bovenaf moet zijn, te beginnen met Christus? Efeze 1:22; Titus 1:5.

  8. Stelde Paulus Titus aan als administratief gezag over het eiland Kreta om kerk te organiseren en andere gelovige mannen aan te stellen en te ordineren om de plaatselijke gemeenten te leiden? Titus 1:5

  9. Wat waren de drie dingen, die Petrus aan de oudsten zei, welke zij voor Gods volk moesten doen? 1 Petrus 5:2-3.

  10. Verlangde God, dat er voltijds dienaren zouden zijn, die hun levensonderhoud van de kerk ontvangen?
    1 Timoteüs 5:17-18

  11. Verwacht God van Zijn dienaren, dat zij Zijn volk corrigeren? 2 Timoteüs 4:2.

  12. Hoe moeten Christenen gehoor geven aan Gods kerkbestuur? Hebreeën 13:7, 17, 24.

Ambten in de Nieuwtestamentische Kerk

     Het Nieuwe Testament gebruikt een verscheidenheid aan uitdrukkingen om de diverse ambten, die in de kerk bestaan, te beschrijven. Laten wij naar deze termen en hun betekenissen kijken.

     Diaken: (diakonos) Letterlijk een dienaar, die aan de tafel bedient. In Handelingen 6 werden 7 mannen door de Apostelen geordineerd om toezicht te houden op de fysieke dienstplichten in de kerk.

     Diakones: (diakonon) De vrouwelijke vorm van diaken wordt in Romeinen 16:1 gebruikt om Phoebe te beschrijven, die de kerk in Korintië diende. De ambten van diaken en diacones hebben geestelijke kwalificaties (1 Timoteüs 3:8-15), maar zijn ambten om te voorzien in de fysieke noden van de broeders.

     Dienaar: (diakonos) Dezelfde term, die vertaald wordt als diaken, maar in bepaalde samenhang gebruikt om een ambt van geestelijke bediening te beschrijven. Net zoals er een letterlijke "bediening aan tafels" was om de noden van de Jeruzalem kerk te bedienen, is er ook een geestelijke bediening, weergegeven door het bedienen van het geestelijk voedsel van Gods woord aan de tafel van de Heer. Paulus gebruikt de term op deze manier in passages zoals 2 Korintiërs 3:6; 2 Korintiërs 6:4; Kolossenzen 1:23 en 1 Tessalonicenzen 3:2. Het is een algemene term, die benadrukt, dat alle ambten van prediking en lering in de kerk, op de eerste plaats bedoeld zijn om Gods volk te dienen.

     Oudste: (Presbyteros) Betekent letterlijk, zij die ouder zijn en, in de context van de kerk, worden degenen beschreven, die gekozen worden uit de broeders om hun geestelijke volwassenheid. Oudtestamentische "oudsten" waren leiders - raadsmannen en rechter. Naast hun rol van raadgever en het onderwijzen aan degenen, die minder ervaren zijn in het toepassen van het woord van God, wordt in de kerk een beroep op hen gedaan om zieken te zalven. ( Jakobus 5:14) Dit is een geordineerd ambt in de gemeente. (Handelingen 14:23; Titus 1:5) In vele gevallen verwijst deze term naar plaatselijke mannen, die geordineerd werden om in hun eigen gemeente te dienen (Handelingen 20:17), maar het wordt ook gebruikt als algemene term, die naar alle dienaren verwijst. (1 Petrus 5:1)

     Regionaal Directeur: (episkopos) Letterlijk "iemand, die toezicht houdt" en wordt in vele vertalingen vertaald met "bisschop". Het is in het algemeen een term voor dienaren en verwijst naar hun verantwoordelijkheid om de gemeente te besturen, waar zij toezicht over hebben gekregen. (verg. Handelingen 20:28; Filippenzen 1:1; Titus 1:7) In zijn schrijven aan Timoteüs vergelijkt de Apostel Paulus dit geestelijk ambt met de manier, waarop een man en vader toezicht houdt over zijn gezin. (1 Timoteüs 3:2-5)

     Pastor: (poimen) Betekent in het Grieks "herder", maar verwijst in Efeze 4:11 naar een ambt in de kerk. God vergelijkt Zijn volk vaak met schapen en deze term beschrijft het geestelijke ambt van het bezoeken, beschermen en het voeden van Gods kudde.

     Evangelist: (euangelistes) Een "verteller van het goede nieuws". Het komt van hetzelfde woord, dat wordt vertaald door "evangelie". Wordt in Efeze 4:11 vermeld als een specifiek ambt of rang in het dienaarschap; iemand, die dit ambt heeft zal naast zijn ambt van oudste, toezichthouder en herder, leiderschap geven in de verspreiding van de evangelieboodschap.
(verg. 2 Timoteüs 4:5)

     Profeet: (prophetes) Benaming voor het ambt van iemand, door wie God direct spreekt door een speciale openbaring. Alhoewel in het Nieuwe Testament gewoonlijk gebruikt om naar mannen te verwijzen, die God gebruikte om het Oude Testament te schrijven, kan het ook naar een Nieuwtestamentisch ambt verwijzen. (verg. Handelingen 21:10) Alhoewel de Kerk van God op het ogenblik niemand erkent, die dit ambt bezit, zal het duidelijk binnen enkele jaren weer uitgeoefend worden, als God Zijn laatste twee getuigen oproept. (Openbaring 11:3)

     Apostel: (apostolos) Betekent "boodschapper" of speciale afgezant en wordt gebruikt om het hoogste ambt in de Nieuwtestamentische kerk te beschrijven. In de eerste eeuw beschreef het niet alleen de originele 12 mannen, die door Christus geordineerd en uitgestuurd werden, maar ook mannen zoals Jakobus, de broer van de Heer en Paulus. Dit ambt houdt een speciale opdracht in en wordt gekenmerkt door opmerkelijke vruchten. (2 Korintiërs 12:12)


LES 12, DEEL 4

Vaststelling van de Ware Kerk
  • Als Jezus Christus een kerk bouwde, hoe kunt U er dan zeker van zijn, dat U werkelijk die kerk gevonden heeft?
  • Zijn er manieren om die kerk duidelijk te identificeren, die een rechtstreekse voortzetting is van het originele Apostolische Christendom?

Immers, wanneer een kerk zichzelf Christelijk noemt, maakt het deze uiteraard nog niet Christelijk.

Hoe kunt U het zeker weten?

  1. Bad Jezus Christus, dat de ware kerk in de naam van de Vader bewaard zou blijven? Johannes 17:11

  2. Hoe wordt de ware kerk op twaalf verschillende plaatsen in het Nieuwe Testament genoemd? Handelingen 20:28; 1 Korintiërs 1:2; 10:32; 11:16, 22; 15:9; 2 Korintiërs 1:1; Galaten 1:13; 1 Tessalonicenzen 2:14; 2 Tessalonicenzen 1:4; 1 Timoteüs 3:5, 15.

  3. Welke zijn de twee tekenen, die Gods ware kerk identificeren, zoals aangegeven in Openbaring 12:17?

  4. Door welke twee kenmerken worden ware heiligen geïdentificeerd? Openbaring 14:12.

  5. Zei Jezus, dat wij God moesten gehoorzamen en Zijn Geboden onderhouden, als wij het Koninkrijk van God willen binnengaan? Matteüs 7:21-23; Matteüs 19:16-17

  6. Is gehoorzaamheid aan het Sabbatgebod een teken, dat het ware volk van God identificeert? Exodus 31:12-17.

  7. Sommigen kunnen zeggen, dat dit specifiek van toepassing is op Israël, maar laat de Bijbel zien, dat bekeerde heidenen geestelijke Israëlieten worden? Galaten 3:28-29

  8. Wat maakt iemand een lid van de ware kerk?
    1 Korintiërs 12:13; Romeinen 8:9-11.
    (Opm.: Christus woont - leeft Zijn leven - in bekeerde gedoopte personen, door de Heilige Geest van God. Dit is wat hen Christen maakt.)

  9. Hoe kan iemand de Heilige Geest van God ontvangen? Handelingen 2:38.

  10. Wij moeten ons bekeren van zonde; maar wat is zonde?
    1 Johannes 3:4.
    (Opm.: het woord "wetteloosheid" is in het Grieks anomia, wat minachting voor en overtreding van de wet betekent.)

  11. Geeft God Zijn Heilige Geest alleen aan degenen, die zich van ongehoorzaamheid naar gehoorzaamheid gekeerd hebben? Handelingen 5:32.

  12. Zou Gods ware kerk groot en populair worden in de wereld van vandaag of zou het klein blijven en vervolgd? Johannes 15:18-20; 16:2, 33; 17:14; Lucas 12:32

  13. Laten wij kijken naar enkele eigenschappen, die God wil, dat Zijn kerk laat zien. Wat moet de kerk in deze eindtijd doen? Matteüs 24:14.

  14. Welk gedrag moet er tussen broeders van de kerk bestaan? Johannes 13:34-35. Moet ware geestelijke kracht eveneens aanwezig zijn? Johannes 14:12.
    (Opm.: Jezus zei, dat Zijn kerk zou doen, wat Hij gedaan heeft; het evangelie van het koninkrijk prediken, maar op een grotere schaal dan Hij deed.)

Waar Moet U de Dienst Bijwonen?

     Maakt het verschil uit waar U de dienst bijwoont?

Velen geloven eenvoudig, dat er van kerk tot kerk geen verschil is. De waarheid is, dat er een groot verschil is. Jezus Christus leerde, dat Hij Zijn kerk zou bouwen (Matteüs 16:18) - geen honderden verdeelde, van mening verschillende en wedijverende organisaties. Jezus is geen schepper van wanorde. (1 Korintiërs 14:33)

Als de Bijbel het woord "kerk" gebruikt, weet U dan wat het betekent?

In feite helpt dit woord de kerk te beschrijven, waartoe U zou moeten behoren! Wij moeten het verrassende antwoord begrijpen!

     "Kerk" komt van het Griekse woord ekklesia, wat letterlijk "geroepen uit" betekent. (Vine's Expository Dictionary of Biblical Words, see "assembly", p. 42) - (Verklarend woordenboek van bijbelse woorden) De Grieken gebruikten deze term gewoonlijk als zij naar een groep inwoners verwijst, die vergaderd zijn om staatszaken te bespreken. De hele stad Efeze bijvoorbeeld, vormde in een opgewonden oproer tegen de Apostel Paulus, een ekklesia in het openlucht amfitheater. (Handelingen 19:29, 38-41) Het woord "kerk" betekent eenvoudig een vergadering of bijeenkomst van een groep mensen.

     Dit woord verandert echter grondig als het zich wijzigt door Gods naam! De Kerk van God vertegenwoordigt de groep van "uitgeroepen" volgelingen van Jezus Christus.

En waaruit is Gods volk geroepen?

De Apostel Paulus beantwoordt deze vraag. Merk op: "Vormt geen ongelijk span met ongelovigen, want wat heeft gerechtigheid gemeen met wetteloosheid, of welke gemeenschap heeft het licht met de duisternis? Welke overeenstemming is er tussen Christus en Belial, of welk deel heeft een gelovige samen met een ongelovige? Welke gemeenschappelijke grondslag heeft de tempel Gods met afgoden? Wij toch zijn de tempel van de levende God.... Daarom gaat weg uit hun midden, en scheidt u af, spreekt de Here, en houdt niet vast aan het onreine en Ik zal u aannemen. En Ik zal u tot Vader zijn en gij zult Mij tot zonen en dochteren zijn, zegt de Here, de Almachtige".
(2 Korintiërs 6:14-18)

     Hoe is iemand in staat de ware Kerk van God te identificeren; één, die een voortzetting is van de kerk, die Jezus bouwde?

Geen enkele kerk hangt tekenen uit om zich zelf als "de valse kerk" te identificeren, toch is het duidelijk, dat de verschillende kerken, met zovele verschillende wedijverende ideeën en leerstellingen, niet allemaal gelijk kunnen hebben!

Er zijn verschillende sleutels in de Schrift, die helpen om de kerk te identificeren, die Jezus Christus bouwde; die kerk, waarover de poorten van het graf nooit in staat zijn te overwinnen.

  • Bewaard in de Naam van de Vader (Johannes 17:11), zal het een groep moeten zijn, die de geboden houdt.

  • Het gebod, dat in de Schrift geïdentificeerd wordt als het testgebod, is de viering van de zevende dag Sabbat. (Exodus 31:12-17)

  • De ware kerk is er ook één, die een diepgaand begrip heeft van haar opdracht. Jezus Christus zei: "Mijn spijze is de wil te doen desgenen, die Mij gezonden heeft, en zijn werk te volbrengen".(Johannes 4:34) De kerk, die Hij bouwde moet diezelfde prioriteit hebben. Immers, ware Christenen zijn degenen, die Jezus Christus trachten te imiteren door Zijn voorbeeld te volgen.

  • Leden van de ware kerk worden in staat gesteld en geleid door de Heilige Geest. "Want allen, die door de Geest Gods geleid worden, zijn zonen Gods". (Romeinen 8:14) Zij kregen de liefde van God "uitgestort" in hun harten door de Heilige Geest (Romeinen 5:5) en zullen die liefde zowel naar God als naar hun medemens uitstralen.

  • Tenslotte, Gods ware vergadering wordt in beeldspraak beschreven "als een welsluitend geheel en bijeengehouden" als een lichaam - met Jezus Christus als het Hoofd. (Efeziërs 4:15-16) Gods volk is uitgeroepen om "vast aaneengesloten, één van zin" (1 Korintiërs 1:10) - allen sprekend en gelovend in dezelfde leerstellingen!

De kerken van tegenwoordig, die beweren Christenen te zijn, laten een scherp contrast zien in de ware betekenis van de woorden "Kerk van God".

     Voor Zijn kruisdood bad Jezus, dat de Vader Zijn kerk "één" wilde houden! (Johannes 17:20-22) Er is slechts "één Here, één geloof, één doop" en één God en Vader van allen. (Efeziërs 4:4-6)

Het is deze huidige voortzetting van de ware kerk, die Jezus bouwde, waartoe U zou moeten behoren!

     Als U vanuit Uw Bijbel heeft bewezen, dat de dingen, die U aan het leren bent met de hulp van deze Bijbel Studie Cursus, werkelijk de waarheid van God zijn, dan wilt U wellicht advies inwinnen bij één van Gods ware dienaren. De Levende Kerk van God heeft gemeenten en dienaren in heel de Verenigde Staten en Canada en ook in vele landen van de wereld. Als U persoonlijk contact wilt maken met de gemeente in Uw omgeving, neemt U dan a.u.b. contact met ons op; de adressenlijst staat aan de binnenkant van de omslag van deze les.

• • • • • • •

Leest U al ons Engelstalig tijdschrift Tomorrow's World, waar profetie tot leven komt?

• • • • • • •